Bekijk deze parel van een Twentse streektuin, met 1300 soorten van houtwal & hooiland en een gespreid bedje voor de boomkikker en steenuil!

Twente
Lemig zand

Zit je op het puntje van je stoel? Hier is die dan: het verhaal én de video van de streektuin van Tim Asbreuk! Niet alleen leuk voor Twentse tuiniers (vanwege alle bijzondere streeksoorten!), maar wat ons betreft ook voor alle anderen die enthousiast zijn over ecologisch tuinieren. Tims liefde voor en kennis van de lokale natuur heeft namelijk een lange aanloop.

En wij vinden het zelf heel interessant om te ervaren dat hij hierdoor heel veel visie heeft ontwikkeld over ecologisch tuinieren, van maaien en beheren tot contact leggen met streekecologie en de mogelijke rol van tuinen in biodiversiteitsherstel op nationale schaal.

Tim vertelt er veel over in onderstaande tuinvideo. Voor de liefhebbers: onder de video gaat het artikel nog verder.

Om zomaar een voorbeeld uit te lichten van die visie op ecologisch tuinieren: eerst inzetten op ‘wat kan’ – met relatief gangbare soorten die belangrijk zijn voor de lokale ecologie – en dan “beheren naar wat wellicht mogelijk is”. Zo zorg je ervoor dat je zeker weet dat als zeldzame en veeleisende soorten hun plek vinden, die plek ook echt geschikt is – bijvoorbeeld op een voldoende verschraalde bodem.

En minstens zo belangrijk: zo voorkom je dat je de basis van de streekecologie overslaat. Bijvoorbeeld de natte zone met wat Tim ‘de drie-eenheid’ noemt: kattenstaart, moerasspirea en grote wederik (“en dus ook de gewone slobkousbij”), zoals we deze zomerbloeiers inderdaad ook zagen staan in een greppel aan de rand van het dorp. Met de kattenstaart heb je ook in Twente kans op de kattenstaartdikpoot, en na verloop van tijd misschien ook wel diens koekoeksbij, de zwartsprietwespbij (die we toevallig uit onze eigen tuin kennen).

Een andere drie-eenheid die duidelijk vertegenwoordigd is in de tuin is knoopkruid (pluimvoetbijen en breedbandgroefbijen), scherpe boterbloem (ranonkelbijen) en de gewone margriet, waardoor er vanaf het eerste jaar in de tuin een flinke populatie van de van margriet afhankelijke Nees’ boorvlieg vormde.

Wij noemen deze weidebloemen ‘gangbare soorten’ – maar de realiteit is dat ze (door overbemesting) in de meeste weilanden niet meer te vinden zijn, en je ze eigenlijk alleen nog vindt in wegbermen. Maar juist omdat die relatief gangbare bloeiende kruiden eeuwenlang alom aanwezig waren in de velden, hebben relatief veel insecten er relaties mee opgebouwd. En dus vormen ze ook een fundament voor soortenrijke tuinen.

Op dat fundament kan je vervolgens doorbouwen. Geleidelijke verschraling van de bodem, specifiekere streekplanten en een insectenrijkdom die elk jaar verder toeneemt. Zo vormt in de visie van Tim stap voor stap “een zo compleet mogelijk” streekecosysteem, waar vervolgens ook de zeldzamere soorten hun plek in kunnen vinden. 

Nieuwe tuinsoort tijdens het filmen: het heideblauwtje!
Tijdens het filmen spotte Maria zowaar nog een nieuwe tuinsoort: het heideblauwtje – dat hier gebruikmaakt van grote kattenstaart als nectarplant.

Mini-leefgebied én stapsteen

De tuin is nu enkele jaren in ontwikkeling. En in die periode heeft Tim er al meer dan 1300 soorten waargenomen. En ook deze streektuin kan je voor al die soorten zien als ‘mini-leefgebied’ (veel soorten hebben er populaties, vinden er alles dat ze nodig hebben en zijn dus elk jaar te zien) én als stapsteen, voor de lokale natuur.

En alhoewel Tim zelden iets zal ontgaan, wist Maria – van achter de camera – tijdens het tuinbezoek ook nog een ontdekking te doen, die weer een nieuwe tuinsoort toevoegde aan de lijst: een heideblauwtje. Met gaspeldoorn, dopheide en rolklaver heeft Tim wel degelijk waardplanten waar het heideblauwtje eitjes op zou kunnen afzetten én dus een kans op rupsen en een nieuwe generatie van deze schaarse dagvlinder, die helaas achteruitgaat.

Maar zo mogelijk nog belangrijker, is dat de vlinder er vooral ook even kan bijtanken, vanwege het ruime aanbod van geschikte nectarplanten (in dit geval op de kattenstaart bij de vijver). Zo kan de tuin ook voor deze soort als stapsteen fungeren, om al fladderend de overstap te kunnen maken tussen twee nabijgelegen heidegebieden. “Zo heeft elk schaalniveau z’n waarde”, zegt Tim er zelf over.

Liefde voor de streeknatuur met paplepel

Wie goed kijkt naar de tuinvideo, zal naast de mooie gemaaide paden op de achtergrond bijvoorbeeld ook een schommel aan een boom zien hangen. Het is een teken dat in deze tuin niet alleen ruimte is voor kleine watersalamanders en bonte vliegenvangers, maar ook voor mensen – van verschillende leeftijden. En hoe mooi is dit: één keer per jaar krijgen ook de kinderen van de school uit het dorp een rondleiding in de tuin.

We zeggen het er bewust bij, omdat ook Tim zelf de kennis en liefde voor de Twentse natuur als boerenzoon van kinds af aan heeft meegekregen. Daarbij was ook het goede contact met zijn opa vormend. Die zette zich bijvoorbeeld in voor de broedvogels in de buurt, waaronder kerkuilen en steenuilen op het erf. En toen Tim nog een kind was, liepen opa en kleinzoon de Twentse houtwallen af, waar hij leerde over de wilde planten.

Veel houtwallen zijn op de schop gegaan, en veel wilde planten uit het landschap verdwenen. Maar in deze Twentse tuin zijn talloze kenmerkende soorten van dit rijke cultuurlandschap terug te vinden. Daaronder – naast de eerder besproken bloeiende kruiden – ook de vele ecologisch waardevolle bloesemstruiken die thuishoren in de ondergroei van de houtwallen, zoals de inheemse vogelkers, rode kornoelje en bijvoorbeeld de tweestijlige meidoorn, een meidoornsoort die voor de oostelijke zandgronden van oorsprong meer kenmerkend is dan de vaker aangeplante eenstijlige meidoorn.

Tim koos er na een omzwerving door het land bewust voor terug te keren richting deze Twentse geboortegrond. Vanzelfsprekend voor familie, maar ook heel nadrukkelijk, zoals hij het zelf zegt, omdat de Twentse natuur heel belangrijk voor hem is.

Daarbij laat Tim zich op zijn beurt ook weer inspireren door anderen die in hun streek hetzelfde doen. Zo noemt hij Jochem Kühnen als voorbeeld. Jochem is een pionier met een zeer soortenrijke hoektuin in een dorp achter Nijmegen – en is een van de eerste deelnemers van Streektuinen.

Als je in eigen tuin zo bewust bezig bent met het natuurlijk leven uit de omgeving, heb je natuurlijk nog droomsoorten. Voor Tim grijpt dat droombeeld ook terug naar het natuurrijke boerenerf van de voorouders, waaronder de broedende steenuilen ‘van zijn opa’. Boomkikkers zaten in dat verleden tegen de ruiten van de boerderij geplakt, zo gaat het familieverhaal. Diezelfde boomkikker verdween bijna door de schaalvergroting van het landschap, maar is dankzij de inzet van velen in Twente en elders weer bezig aan een voorzichtige comeback – en het is heel reëel dat ook deze prachtige amfibie deze Twentse vijver en tuin uiteindelijk weet te vinden. En de steenuil? De nestkast staat al klaar. Dus fluister het maar door.

Wilde kamperfoelie, waardplant voor de kleine ijsvogelvlinder.
In de ondergroei van oude Twentse houtwallen hoort ook wilde kamperfoelie te staan. De nectarrijke bloemen zijn waardevol vol nachtvlinders en worden ook graag bevlogen door de tuinhommel. Maar wilde kamperfoelie is ook de waardplant van een bijzondere dagvlinder die in Twente nog voorkomt: de kleine ijsvogelvlinder. En ‘dus’ kan ook deze mooie klimplant niet ontbreken in Tims streektuin!
Streektuinmengsel van Twente
Knoopkruid, margriet en scherpe boterbloem zijn ook de meest gangbare soorten in het Streektuinmengsel voor Twente, waar verder ook een aantal wat zeldzamere streeksoorten in vertegenwoordigd zijn. Woon je in Twente en wil je ook met echt zeldzame streekspecialiteiten werken? Lees dan ook onze special over de bijzonderste wilde bloemen van Twente.

Meld ook jouw tuin aan!

Door mee te doen voeg je een klein natuurgebiedje toe aan jouw straat, kun je vier seizoenen per jaar genieten van een levende tuin – en versterk je de unieke biodiversiteit van jouw streek, door een klein leefgebied te creëren voor kenmerkende planten en dieren.

Hotel_front-streektuinen-scaled

Koop hier een goed bijenhotel

Wij verkopen enkele hoogwaardige bijenhotels voor mensen die de biodiversiteit in hun tuin willen versterken. Bekijk ons aanbod.

Koop hier je streektuinmengsel of streekeigen plantenpakket

De inheemse kwekerij Cruydt-Hoeck heeft samen met ons voor elk van de 25 streken een apart mengsel en plantenpakket ontwikkeld van bloeiende kruiden die goed passen in de bewuste streek, en tot hun recht kunnen komen in tuinen.

Andere verhalen

September is de ideale zaaimaand: bekijk hier het (wat ons betreft perfecte) resultaat, twee jaar later

Wil jij een streekeigen bloemenweide zaaien? Dan moet je nú in actie komen: september is namelijk de ideale zaaimaand. Tijd om dat beter uit te leggen én te illustreren met...

Karins streektuin: een oase vol oeverbloemen en ander leven, midden in het Groene Hart (met video)

Zwanenbloem, heemst, kattenstaart, Spaanse ruiter. Het is zomaar een greep uit het boeket in de tuin van Karin Kuypers, ergens aan de rand van Vinkeveen, midden in het Hollands-Utrechtse veenweidegebied....