De tuin buiten Terwolde is 1750 m2 en bestaat voornamelijk uit kleigrond en is omzoomd met meer dan 100 m. oude meidoornheggen, een esdoornheg en een hederaheg. Inheemse bomen en struiken: een grote eik, zwarte elzen, hazelaars, gelderse roos, liguster, kardinaalsmuts, lijsterbes, rode kornoelje. Daarnaast een grote plataan. De tuin is opgedeeld in grasvelden, een kleine weide, een vijver/bordertuin en een schaduwtuin.
Het beheer van het hele terrein is gericht op het verkrijgen van zoveel mogelijk inheemse wilde plantensoorten. De weide wordt 2-3 x per jaar gemaaid en afgevoerd en de grasvelden worden deels verwilderd door minder vaak te maaien.
Echt specifieke soorten krijgen we niet makkelijk op de zware klei, ondanks zaaien van inheemse mengsels van De Cruydhoeck. Een ontwikkeling naar een vrij algemene bloemrijke ruigte lijkt nu te lukken. Aanwezige soorten zijn o.a. brunel, groot streepzaad, knoopkruid, geranium pratense, marjolein, fluitenkruid, smeerwortel, scherpe boterbloem, geranium dissectum, dagkoekkoeksbloem, glad walstro, boerenwormkruid, klaversoorten. Met de waterplanten meegerekend heb ik ongeveer 70 inheemse plantensoorten geteld.
Ik denk het aantal specifieke soorten vanaf nu uit te breiden door aanplant en vermeerdering.